Vrg_print_logo
Afdrukken

Leerkrediet

 

Uw geld of uw leerkrediet... credit crunch in het hoger onderwijs
 
Om in het Obama-repertoire te blijven, is het leerkrediet niet “the change you can believe in”, maar eerder “the change you did not see coming”. Terwijl voor vele studenten het systeem van leerkrediet de ver-van-mijn-bed-show lijkt te zijn, is dit fenomeen, ingevoerd door het nieuwe financieringsdecreet van Vandenbroucke,  immers dit jaar zonder al te veel tromgeroffel in werking getreden in het Vlaamse hoger onderwijs. Een en ander betekent dat het leerkrediet nu reeds een potentieel grote impact voor de individuele student. Hoog tijd dus voor een grondige samenvatting…
 
The name of the game
Het leerkrediet is het totale pakket van studiepunten dat een student gedurende zijn studieloopbaan kan inzetten voor een inschrijving onder diplomacontract in een initiële bachelor- of masteropleiding of een opleidingsonderdeel onder creditcontract - en dat naargelang het aantal studiepunten waarvoor de student zich inschrijft en welke hij verwerft, kan evolueren. Vanaf dit academiejaar (2008-2009) is dit systeem van toepassing in het Vlaamse hoger onderwijs. Het verplicht de student bewuste keuzes te maken en het verplicht de universiteit goede trajectbegeleiding aan de student te geven en wil zodoende meer verantwoordelijkheid leggen bij de studenten en de instellingen om goede studieresultaten te halen.
 
 
Een geïndividualiseerde bankkaart?
Het leerkrediet kan je best visualiseren als een soort van individuele bankkaart waarop een kredietmarge staat waarmee men vakken kan kopen die, na het behalen van een creditbewijs voor dat vak, opnieuw worden teruggestort op je rekening. Samengevat komt het systeem hier op neer: Elke student krijgt een leerkrediet van 140 studiepunten bij zijn of haar start in het hoger onderwijs. Bij je inschrijving gaat het aantal studiepunten waarvoor je je inschrijft van je leerkrediet af (voor een normaal jaar zijn dit gemiddeld 60 studiepunten). De studiepunten waarvoor je slaagt (hetgeen betekent dat je voor dat vak een creditbewijs hebt behaald), krijg je terug. De studiepunten waarvoor je niet slaagt verlies je en ook de studiepunten van gedelibereerde OPO’s ben je kwijt. Omdat men zich bewust is van het feit dat de overgang secundair onderwijs/universiteit voor sommigen niet altijd vlot verloopt, worden de eerste 60 verworvenstudiepunten, die behaald worden onder diplomacontract, eenmalig dubbel geteld, zo bouw je meteen wat extra marge op. Daar staat echter wel tegenover dat, na het behalen van een eerste master-diploma, 140 studiepunten automatisch in mindering worden gebracht van het krediet.
 
Als het leerkrediet ergens gedurende het traject ontoereikend is geworden, kan de student zich inschrijven voor het resterende leerkrediet en kan men zich ook inschrijven voor het ontoereikend deel mits motivering, een positieve evaluatie van het studieparcours en mits een dubbel studiegeld. Het komt er dus op aan om goede keuzes te maken en slechte resultaten niet op te stapelen. Gezien de ruime marge vormt een misstap niet direct een groot probleem. Maar wanneer je foute keuzes en slechte resultaten aaneenrijgt, kan het gebeuren dat je krediet na verloop van tijd op is. Als dat gebeurt, kan de inschrijving geweigerd worden. Wordt men na gemotiveerde aanvraag en positieve evaluatie van het studieparcours toch toegelaten dan betaalt men verhoogd inschrijvingsgeld. Uitzondering op deze regel is dat men mag inschrijven voor een initiële master als men die nog niet heeft en aan de toelatingsvoorwaarden voldoet.
 
Belangrijke opmerking bij dit alles is dat leerkredieten worden ingezet voor een basisopleiding onder diplomacontract en een creditcontract, niet voor schakelprogramma’s, voorbereidingsprogramma’s, bachelors-na bachelors, masters- na masters, postgraduaatsopleidingen en de specifieke lerarenopleiding.
Over leertrajecten, treinen, stakingen en meer van dat fraais
Indien u van met al dat gereken een beetje het spoor bent kwijt geraakt, is er niets beter dan wat casuïstiek (we zijn toch rechtenstudenten voor iets) om ons weer op de rails te zetten.
Hieronder vier praktijkvoorbeelden om de werking van het leerkrediet te illustreren:
 
- De student “De TGV” begint aan zijn opleiding met 140 studiepunten, werkt een perfecte bachelor af (waarbij hij zodoende 200 punten overhoudt), gevolgd door een al even perfecte master. Na die opleiding heeft hij nog 200 studiepunten waarvan automatisch (cf. supra) 140 punten worden afgetrokken. Met de 60 overblijvende punten heeft deze student dus wel nog enige ruimte om nog verder te studeren (lees: een nieuwe initiële master te beginnen, voor de zogenaamde Ma-na-Ma’s geldt de regeling van het leerkrediet niet).
 
- De student “De Intercity” begon, naast een basispakket van 140 punten, toch ook aan zijn eerste bachelor-jaar met wat twijfels. Op het einde van dat jaar beslist hij dan ook niet mee te doen aan de examenreeks en te veranderen van richting. Deze keuze kost hem 60 studiepunten maar laat dus wel nog ruimte om een andere opleiding aan te vangen. Eenmaal in de rechten (waar anders?) gaat het “de Intercity” echter voor de wind, hij legt een perfect bachelor en mastertraject af en studeert dus af met 140 studiepunten. Gezien de automatische deductie is een opvolgende initiële masteropleiding echter niet meer financieerbaar zodat zijn krediet (door een hoger studiegeld) moet worden aangevuld.
 
- In onze derde casus verandert ook “De Stoomtrein” na één creditloos jaar van richting. De spoorverandering loopt echter niet zo gesmeerd als gehoopt en na een reeks moeilijkheden in de bachelor beëindigt hij deze tenslotte met 44 studiepunten op overschot. Dit zijn er echter 16 te weinig om zijn eerste jaar master aan te vatten. Om toch toegang te krijgen tot deze opleiding zal “De Stoomtrein” een verhoogd inschrijvingsgeld moeten betalen. Sowieso behoort een nieuwe initiële master voor deze student, na het behalen van zijn eerste masterdiploma, niet meer tot de mogelijkheden
 
- Voor een vierde student ziet de academische toekomst er al helemaal somber uit. “De NMBS-staking” verandert twee keer opeenvolgend van richting zonder in één van beide opleidingen enige credits te behalen. Na zijn tweede wissel in evenveel jaar tijd, houdt deze student 20 studiepunten over zodat hij een verhoogd inschrijvingsgeld zal moeten betalen om opnieuw een bachelor te mogen aanvangen. Na opnieuw een ontspoort jaar, houdt deze student geen credits meer over zodat hij nu aankijkt tegen een mogelijke inschrijvingsweigering in de bachelor.
 
Het mag bij overschouwing van dit alles duidelijk zijn dat, bij het invoeren van het financieringsdecreet, voor onze beleidsmakers vooral de verzekering van studievoortuigang centraal stond. Voor studenten moet dit systeem in de eerste plaats realistische studiekeuzes en tijdige heroriëntering aanmoedigen, een foute studiekeuze kan immers doorwegen op het verdere verloop van je studiecarrière. Er is echter geen reden tot wanhoop, de kredietlijn van 140 punten betekent dat er nog niet zoveel verloren is als je eerste bachelorjaar geen overdonderend succes was of als je tussendoor wat steken laat vallen. Het wordt nu wel meer dan vroeger van groot belang om heel bewust stil te staan bij je studiekeuze en je studievoortgang.
 
 
Voor wie meer wil weten
Om de stand van uw kredietlijn in deze te controleren hoef je zeker niet naar je plaatselijk bankkantoor (if there are any left?) maar kan je steeds een kijkje nemen op de site van de Vlaamse gemeenschap è https://studentenportaal.vlaanderen.be/dho-portaal/start.do
Een aanrader voor de geïnteresseerden is ook è www.kuleuven.be/leerkrediet
Daarnaast staat ook uw studentendelegatie vanzelfsprekend steeds paraat om uw prangende vragen en problemen omtrent het leerkrediet te beantwoorden. Eén adres è onderwijs@vrg.be